Er was eens een meisje uit twente
die verdiende haar centen met venten
Ze vulde doosjes, vrij klein
met poep van konijn
en verkocht die als heerlijke krenten
Er was eens een meisje uit Son,
Die baalde al toen ze begon.
Ze had dyslexie,
Dus haat poëzie.
Toch knap dat ze dit dan verzon.
Er was eens een neushoorn uit assen,
Die moest echt verschrikkelijk nodig plassen.
H ij zocht een toilet,
M aar dat was bezet,
Nu moet hij zijn broek laten wassen
Een addertje uit ‘s Heerenrijken
had grote problemen met kijken.
Zei “”Al mijn wensen
zijn contactlenzen,
‘k wil niet op een brilslang gaan lijken.
Een beginnend schaker uit Made
probeerde de lange rokade.
Hij had geen geluk,
verloor toen een stuk.
Zo leert men met schande en schade.
Een volslanke dame uit Asten
Wilde niets weten van vasten.
Want zij had veel trek
In lekkere snack.
En liever de lusten dan lasten.
Er was eens een man uit Bagdad,
die droomde dat hij zijn schoen at,
hij werd wakker met kracht,
in het midden van de nacht,
en zag dat hij niet gedroomd had.
Een duizendpoot miste in Loenen
des morgens opeens al zijn schoenen.
Hij wist niet dat heel
’t hotel personeel
al veel uren lang stond te boenen
Een vink in een auto bij Vorden,
Kon nauw’lijks wat zien op de borden.
En toch zei ze vrij,
“k ben blij dat ik rij,
en geen blinde vink ben geworden”
Een eendagsvlieg uit de Vogezen
zat in zijn memoires te lezen..
Hij schrok toen hij zag
‘t is nog maar kort dag.
Een weekdier, dat wil ik graag wezen.
Een brievenbesteller uit Heeze,
liep steeds om zijn baantje te vrezen
Dat is opgelost,
want thuis, bij de post
kan hij zijn ontslagbrief nu lezen.
Een jonge student uit Stavoren
had schulden tot over zijn oren.
Hij zei tot zijn mam
hoe dat toch zo kwam.
Omdat hij zijn beurs was verloren.
Een bajeskoor ging eens naar Lingen
om in een zangconcours te zingen.
Maar eens in de zaal,
ging het aan de haal.
Met beker. Ja, zo gaan die dingen.
Een volslanke vrouw uit Margraten
kon gappen van kleding niet laten
Nu had ze weer pas
een rok en een jas,
Maar weer, zoals steeds, niet haar maten
In Aken daar woonde een aker,
bekend als een zeer trage schaker.
Hij komt op zijn bord,
meestal tijd tekort.
Won wel, maar verloor toch veel vaker
Een zebra-veulentje uit Epen
vroeg aan zijn mama, heel benepen:
Ben ik zwart of wit
hoe of dat nu zit,
Weet niet eens kleur van mijn strepen
Er was eens een rendier op de Noordpool,
Dat zich steeds achter de schoorsteen verschool,
Hij wilde nooit mee,
Bleef liever bij zijn ree,
En zei: "Knusheid met kerst is het parool
Een Kerstman uit het koude Noorden
had wat gevoelens die stoorden.
Kerst was hij zat,
dus stuurde zijn kat,
en trok naar exotische oorden.
Er was eens een bisschop uit Spanje
zijn jas was rood met veel franje
de was nooit geleerd
dat ging dus verkeerd
want daarna niet meer rood maar oranje.
uit spanje kwam eens een klaasje,
dat was me daar toch nog een baasje
zijn pieten voor straf
kregen met roe en de staf
die waren steeds weer het haasje
Een dakloze zwerver in Mokum
ik zag hem eerst niet,
maar ik rook em
Zei “hier in de stad vang ik elke rat.
Ik lust ze niet rauw dus ik kook 'm”
|